Het zijn rare tijden. Eigenlijk ben je een gevangene in je eigen huis. Op sommige kleine zaken heb je invloed en op andere totaal niet. Dat zorgt ervoor dat je Lebensraum beperkt wordt en je je actieradius klein houdt – gewoon voor de zekerheid.

Ik moet eerlijk bekennen dat het gebotlek me tot nu toe meevalt. Het is inderdaad een tijd van ups and downs: geweldige, energieke dagen worden afgewisseld met lethargische, lastige dagen met een vervelend lichaam en pijntjes overal. Daar is niet echt een structuur in te zien maar dat maakt het ook wel weer spannend: ’s ochtends, bij het opstaan weet ik meteen wat voor dag het wordt, en dat blijft een tombola. Bij moeilijker dagen denk je ‘uitzitten’ maar de betere dagen worden echt he-le-maal genoten. Ik verword dan tot een hinderlijk blije eikel die de meest basale zaken echt héél mooi en heel bijzonder vindt en dat iedereen gevraagd en ongevraagd in het oor toetert.

Aanloop

Het is niet zo dat ik me sociaal verveel, integendeel. De afgelopen week heb ik het muziek-maken weer opgepikt en dat is werkelijk de meest perfecte manier om je gevangenis mee in te richten; het is veilig, het is leuk, het is gaaf en het is vrijblijvend. En eigenlijk heb ik met al mijn vrienden ooit wel een keer muziek gemaakt en die vrienden zie ik de laatste tijd meer dan ooit. Dus dan hebben we het ergens over. De gitaar die een Lieve Zwager doneerde bleek helaas bij de 7e fret niet goed, maar was verder geweldig om te bespelen. Morgen wordt een vervanger geleverd en dan gaan we weer pielen. Dingen maken. Mixen, produceren, zoals deze opname waar altijd nog iets aan ontbrak en waarin de Zeer Gewaardeerde Pianoleraar die binnenviel voor het leuk ‘even’ een solo inspeelde die het hele nummer optilt (Oud 4MatenVooraf werk – “Vergeten” van deze meneer):

Dat muziek maken ziet er dan als volgt uit: een behoorlijk langharige (want nog geen haaruitval en fuck de kapper) gast met een koptelefoon beetje vaag wiegelend in zijn woonkamer, gitaartje op schoot, gespannen blik, en 9 van de 10 keer gaat zo’n opname inspelen mis, waarna die gast in tieren uitbarst (Rotterdamse stijl – dat is een invuloefening: [oude vergeten ziekte] [andere vergeten ziekte] [geslachtsdeel] [iets recentere/eigen ziekte]) en het nog eens probeert.

Voorjaar

Er zijn voor een stadsmens als ik slechtere periodes in het jaar denkbaar om mijn gedoe te bevechten dan deze. Ik moet er bijvoorbeeld niet aan denken om chemotherapeutisch de donkere dagen voor kerst in te gaan terwijl de slagregen tegen de ramen striemt en het om 4 uur al donker is. Dat lijkt me een afschuwelijke exercitie. Maar nu is het voorjaar, traditioneel de meest optimistische tijd. Ik genoot er altijd al van om de natuur in de tuin te zien ontploffen en nu helemaal. Het zijn kleine, eenvoudige genoegens die mijn micro-imperium inkleuren: de merel, het gedrup van de takken na een heftige regenbui, het ontspruitende groen, kikkerherrie.

Dat micro-imperium moet natuurlijk ook gemanaged worden. Ik verwacht dan ook dat voornoemde tuin – als alles goed blijft gaan – nog nooit verzorgder de zomer ingegaan zal zijn dan dit jaar. Zoveel mogelijk buiten-zijn is het devies en dat is een taak die ik zéér serieus neem.

Even schrikken

Op een der goede dagen was ik overmoedig geworden en stond ik nét iets te soepel te koken. Op dag 10, zeg maar het holst van de chemotherapie (en afwezige weerstand). Overmoedig hakte ik een verse jaap in mijn wijsvinger. Ai. Je wéét dat je bloedstolling niet op orde is en je weerstand afwezig. En inderdaad: het duurde meer dan een uur voor het bloeden stopte. Zeeën van Betadine en after shave hebben de snee in kwestie gemarineerd. Bezorgde (gebelde) assistentes wezen me op infectiegevaar ‘want u heeft natuurlijk 0,0 weerstand’. Gelukkig had ik met een brandschoon mes in knoflook gesneden ervoor – en dat is toch redelijk antiseptisch spul, maar in die redenering ging de assistente niet mee.

Maar zo ziet het er dus uit. Beetje muziek maken. Je huid niet beschadigen (en zeker geen Jaap des Doods in je poot hakken, lamlul die ik ben). 4x per dag tanden poetsen. Elke dag alle deurknoppen afnemen en de trapleuning. Beetje klooien in de tuin. Muziek maken. Een wandelingetje apotheek – waar ik pas naar binnen ga als er niemand meer is, want ziektekiemen – is een hele prestatie. Ik val nog niet uiteen. Haar zit er nog. Geen snot. Wel beperkt.

Arbeitseinsatz

Ik houd het kort: en werkelijk zéér aardige en voorkomende bedrijfsarts stuurde me zijn verhaal naar aanleiding van ons gesprek; de komende 5 maanden staan geheel naar mijn eigen inzicht in het teken van herstel en werk-dingen kan/ mag/ hoef ik alleen maar op te pikken als dat voor mij goed is. Ik ben dus ‘off the hook’ zogezegd en dat lijkt me ook vrij logisch.

Morgenochtend tussenstand: ’s ochtends bloed prikken in het UMC en een uurtje later naar de behandelend arts; ik ben benieuwd hoe mijn bloedwaarden zijn. Ik heb werkelijk geen idee.

4 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.